Van oerwoudgeluiden tot vechtende kippen
Hoogtepunten
Maar goed, vandaag stond de westkant van Nusa Penida op het programma. En als je eenmaal ziet wat daar voor landschappen op je liggen te wachten, ben je die gebroken nacht eigenlijk alweer snel vergeten.
Waar we waren
Nusa Penida
Bali, Indonesië
10 september 2026
We hadden dus een overnachting geboekt op Nusa Penida, in een vrij simpel hotel. Prima voor één nacht, meer hadden we eigenlijk ook niet nodig. Het idee was om vandaag samen met onze chauffeur de westkant van het eiland te verkennen.
Nusa Penida overdag: paradijs. Nusa Penida ’s nachts: National Geographic naast je bed.
De nacht zelf verliep alleen iets anders dan gehoopt.
We hadden behoorlijk last van allerlei gekke geluiden. Achter het hotel begon ’s avonds namelijk een heel orkest aan oerwoudgeluiden. Dieren die krijsten, beestjes die ritselden, hagedisjes die overal rondkropen… onze Europese oren zijn daar toch totaal niet aan gewend.
En alsof dat nog niet genoeg was, leek onze kamer ook nog eens een soort all-you-can-eat buffet voor insecten te zijn. Mieren, vliegende mieren, piepkleine vliegjes: alles kwam gezellig even binnenkijken.
De kamer zelf was overigens gewoon schoon, daar lag het echt niet aan. Die beestjes kwamen gewoon doodleuk via de voordeur naar binnen.
Maar goed, op een gegeven moment hebben we het maar geaccepteerd. We zijn tenslotte op een vrij afgelegen eiland, waar een groot gedeelte van de toeristen aan het eind van de middag weer met de laatste boot richting Bali vertrekt.
Wij dus niet.
Wij gingen lekker tussen de mieren slapen.
Op naar Kelingking Beach
Toen we wakker werden, pakten we onze spullen bij elkaar en liepen richting de receptie om alweer uit te checken. We hadden om 08.00 uur afgesproken met onze chauffeur.
Die liet alleen een klein beetje op zich wachten en kwam uiteindelijk rond 08.20 uur aanrijden.
Geen ramp natuurlijk.
Na een gezellig praatje stapten we in en vonden we het tijd om richting **Kelingking Beach** te gaan. Hier hadden we echt naar uitgekeken.
En ja hoor… daar gingen we weer.
Dwars door het prachtige landschap van Nusa Penida, gecombineerd met de inmiddels bekende, verschrikkelijk hobbelige wegen. Als je hier een paar dagen rondrijdt, hoef je thuis voorlopig geen massage meer te boeken. Je rug wordt vanzelf wel losgeschud.
Maar we hebben het ervoor over.
En dan kom je uiteindelijk aan bij Kelingking Beach.
Wauw.
Wat een spektakel.
Vanaf boven kijk je uit over een prachtige baai, met helderblauw water en die beroemde rotsformatie waarvan iedereen zegt dat hij op een dinosaurus lijkt. En eerlijk is eerlijk: als je eenmaal weet wat je moet zien, zie je hem ook echt.
Je kunt helemaal naar beneden naar het strand via een HEEEELE lange trap.
Ik keek naar beneden.
Ik keek naar de trap.
Ik dacht aan de weg terug omhoog.
Ik keek naar beneden. Ik keek naar de trap. Ik dacht aan de weg terug omhoog.
En besloot vervolgens dat het uitzicht vanaf boven eigenlijk ook fantastisch was.
Lindsey was volgens mij niet heel verbaasd.
De drone moest natuurlijk ook even de lucht in
En ja… met zo’n uitzicht kon ik het natuurlijk niet laten.
De drone moest omhoog.
Ik heb hier behoorlijk wat mooie beelden kunnen maken van de kust, de rotsen en die enorme blauwe zee. Van bovenaf zie je pas echt hoe spectaculair deze plek is.
Nusa Penida van bovenaf
Als je aan het eind van de video goed kijkt naar het shot van de zee, zie je in het water een aantal zwarte plekken bewegen. Dat waren grote mantaroggen.
Hoe kan dit allemaal op één eiland zitten?
Dat is ook één van de redenen waarom zoveel duikers en snorkelaars juist naar Nusa Penida komen.
Het blijft bijzonder om dat soort dieren gewoon vanuit de lucht door het heldere water te kunnen zien.
Angel’s Billabong en Broken Beach
Na Kelingking Beach reden we verder richting **Angel’s Billabong en Broken Beach**.
Ook daar weer hetzelfde verhaal: je komt aanlopen en denkt eigenlijk meteen…
*Hoe kan dit allemaal op één eiland zitten?*
Ruige rotsformaties, blauw water en overal van die natuurlijke vormen die in de loop van duizenden jaren door de zee zijn uitgesleten.
Prachtig.
Van bovenaf zie je pas echt hoe spectaculair deze plek is.
En natuurlijk ook hier weer genoeg toeristen, want je bent bepaald niet de enige die deze plekken wil zien.
Wij hadden Nusa Penida wel gezien
Na een paar uur sightseeing in de snikhitte vonden wij het eigenlijk wel mooi geweest.
Toen we weer in de haven aankwamen was het ongeveer 12.00 uur. Onze boot terug naar Bali stond pas gepland voor 16.30 uur.
We hadden vooraf gedacht dat we veel meer tijd nodig zouden hebben.
Dat bleek dus een kleine overschatting.
Begrijp me niet verkeerd: Nusa Penida is echt prachtig. Die beroemde plekken zijn absoluut indrukwekkend.
Maar buiten die highlights vonden wij het eiland zelf vrij rustig. Je hebt lokale warungs, wat kleine toko’s en dorpjes, maar verder gebeurt er niet gigantisch veel. Zeker niet als je de grote toeristische plekken eenmaal hebt gezien.
Dus ik dacht: laat ik gewoon eens vragen of we misschien een boot eerder konden nemen.
En wat bleek?
We konden gewoon mee met de boot van **12.30 uur**.
Helemaal prima.
Tas mee, instappen en gaan.
Terug naar Bali
De speedboot was maar ongeveer halfvol, en de kapitein had er duidelijk zin in.
Want we gingen hard.
Na ongeveer 45 minuten varen stonden we alweer in de haven van **Sanur**, op Bali.
En toen begon het volgende avontuur.
Niet op zee.
Maar met een taxi.
De taxistrijd van Sanur
Wij wilden gewoon een Grab bestellen.
Voor wie Grab niet kent: het werkt ongeveer hetzelfde als Uber. Je bestelt een auto via de app, je ziet vooraf wat de rit kost en meestal is het een stuk goedkoper dan de reguliere taxi’s.
Alleen rond de haven van Sanur blijkt dat dus een probleem te zijn.
Grab-chauffeurs mogen daar op veel plekken niet zomaar klanten oppikken.
De lokale taxibedrijven hebben daar namelijk hun eigen territorium en zijn bepaald niet blij met de komst van Grab. Begrijpelijk vanuit hun eigen perspectief misschien, maar als reiziger word je er niet vrolijk van.
Wij dus met onze koffers richting de uitgang.
En onderweg stond er ongeveer om de vijftig meter wel weer iemand.
**“You want Grab taxi?”**
**“I am Grab taxi!”**
Dan lieten ze op hun telefoon een Grab-logo zien, terwijl ze ondertussen gewoon een jasje droegen van een ander taxibedrijf.
Heel bijzonder.
Sommige chauffeurs hadden walkie-talkies bij zich en leken hun collega’s verderop alweer te waarschuwen dat er twee toeristen aan kwamen wandelen met koffers.
Wij dus.
Het voelde behoorlijk opdringerig.
En eerlijk gezegd vonden we dit één van de minder leuke ervaringen van onze reis tot nu toe.
Uiteindelijk dachten we dat we ver genoeg uit de haven waren gelopen om eindelijk een echte Grab te bestellen.
Niet dus.
Geen enkele chauffeur wilde op onze plek stoppen omdat we blijkbaar nog steeds te dicht bij het havengebied stonden.
Dus weer verder lopen.
En ondertussen liep de verwachte wachttijd in de app op van ongeveer tien minuten naar bijna een uur.
Daar sta je dan.
Met je koffers.
In de brandende zon.
32 graden.
Geen schaduw.
Daar sta je dan. Met je koffers. In de brandende zon. 32 graden. Geen schaduw.
Die warme, klamme lucht van Bali erbij.
En Lindsey begon ondertussen haar nek en schouders al aardig te verbranden.
Op een gegeven moment vonden we het welletjes.
Dan maar iets meer betalen.
We belden **Blue Bird**.
Vijf minuten later stond er een taxi.
Gelukkig.
Airco aan.
Koffers achterin.
En eindelijk terug richting Kuta.
Even helemaal niets
Toen we terugkwamen in het hotel waren we allebei behoorlijk gesloopt.
We hebben daarom eerst maar eens een paar uur rustig aan gedaan.
Lindsey ging lekker op balkon zitten en ik ben ondertussen aan het knutselen geweest met de video die je hierboven hebt gezien. Ook heb ik alvast een selectie gemaakt van de foto’s die ik voor het verhaal van vandaag wilde gebruiken.
Voor mij is dat inmiddels trouwens ook een onderdeel van de vakantie geworden.
Overdag dingen beleven. ’s Avonds alles terugkijken.
Overdag dingen beleven.
’s Avonds alles terugkijken.
En dan denken:
*Oh ja… dát hebben we vandaag ook nog gedaan.*
Eten bij Warung Damar
Na een uur of twee bijkomen was het inmiddels alweer rond 18.00 uur.
Lindsey vond het een goed idee om even wat te gaan eten aan de grote straat.
We kwamen terecht bij **Warung Damar**.
En ik zet het woord *warung* hier bewust een beetje tussen aanhalingstekens, want dit was eigenlijk gewoon een volledig restaurant.
Het zag er netjes uit en de dames die er werkten droegen prachtige traditionele kleding.
We bestelden een lekkere maaltijd en ondertussen bedacht ik me ineens dat dit misschien ook meteen mijn kans was om iets te vragen.
Ik wilde namelijk weten waar de dames hun **kebaya’s** kopen, de traditionele kleding die je hier op Bali heel veel ziet.
We hebben namelijk in Nederland een nichtje waarvan ik dacht dat ze zoiets misschien wel heel erg leuk zou vinden.
Na het eten gaven de serveersters zelf ook nog een traditionele dansvoorstelling.
En daarna kreeg ik van de dames een aantal adressen waar we een mooie kebaya zouden kunnen vinden.
Eén daarvan was **Bandung Collection in Kuta**.
Dus ja.
Je kent ons inmiddels.
Eten op.
Taxi in.
Op naar de volgende bestemming.
Op zoek naar een Balinese kebaya
Bandung Collection bleek een winkel te zijn waar vooral veel locals hun kleding kopen.
Geen luxe toeristenboetiek, maar gewoon een grote zaak met een enorm assortiment en gunstige prijzen.
En traditionele kleding wordt hier sowieso nog ontzettend veel gedragen.
Niet alleen tijdens shows voor toeristen, maar ook bij ceremonies, tempelbezoeken en andere gelegenheden.
Na wat rondkijken vonden we uiteindelijk een prachtige traditionele Balinese kebaya voor mijn nichtje in Nederland.
Ik hoop echt dat ze er blij mee zal zijn.
Een cappuccino met… kunst
Na het shoppen vonden we het wel genoeg geweest voor vandaag.
We wilden alleen nog even ergens een lekkere bak koffie drinken.
En die vonden we.
In het koffiezaakje werkten een aantal jonge jongens die ontzettend vrolijk en vriendelijk waren.
Je bestelde je koffie, gaf je naam door en wachtte totdat je werd geroepen. Een beetje hetzelfde principe als bij Starbucks.
Terwijl wij stonden te wachten zag ik één van die jongens heel geconcentreerd met mijn cappuccino bezig.
Echt serieus.
Hij stond daar alsof hij al twintig jaar prijswinnende latte art maakte.
Ik dacht nog:
*Nou… dit moet wat worden.*
Even later werd mijn naam door de zaak geroepen.
Ik loop naar de balie.
De jongen zet mijn cappuccino neer, kijkt mij aan en zegt:
**“Please don’t put this coffee on Instagram… or at least don’t tag us.”**
En hij begint keihard te lachen.
Ik dacht:
*Wat heeft hij nou weer gedaan?*
Hij laat mij vervolgens heel trots het schuim van mijn cappuccino zien.
En vraagt:
**“This is very famous Balinese artwork. You see what this is?”**
Ik kijk naar die koffie.
Nog een keer.
Ik zie eerlijk gezegd alleen maar wat gekrabbel in het schuim.
Dus ik zeg:
“Nee… ik heb echt geen idee.”
Hij kijkt mij bloedserieus aan en zegt:
**“This artwork we call… FIGHTING CHICKENS!”**
En vervolgens kreeg hij zelf zo verschrikkelijk de slappe lach dat ik automatisch mee begon te lachen.
Daar stonden we dan.
Twee volwassen mannen.
Te huilen van het lachen om twee zogenaamd vechtende kippen in mijn cappuccino.
De koffie smaakte er overigens niet minder om.
Dat was voor ons ook meteen een mooie afsluiting van de dag.
Van krijsende dieren in de jungle, mantaroggen bij Kelingking Beach, een taxistrijd in Sanur en een Balinese kebaya…
…naar twee vechtende kippen in een cappuccino.
Je kunt in ieder geval niet zeggen dat onze dagen hier voorspelbaar zijn.
Je kunt in ieder geval niet zeggen dat onze dagen hier voorspelbaar zijn.
Daarna zijn Lindsey en ik terug richting het hotel gegaan.
En deze keer hoopten we vooral op één ding:
een nacht zonder oerwoudgeluiden.
Onze indruk
Plekken van vandaag
Bezienswaardigheid
Nusa Penida
Nusa Penida
Mooi verhaal?
Laat een hartje achter voor deze dag.Geen account nodig. We bewaren geen IP-adres.