Massage, Canggu, Tanah Lot en een flinke wandeling terug
Eerst maar eens rustig beginnen
Toen we vanmorgen opstonden, begonnen we de dag zoals we dat hier inmiddels graag doen: heerlijk ontbijten in het hotel.
Geen haast, geen wekkerstress, gewoon rustig wakker worden, wat eten en kijken wat de dag ons zou brengen.
Daarna hebben we het nog een paar uur lekker rustig aan gedaan. Lindsey wilde eigenlijk al de hele week graag een keer een massage.
Nou vooruit dan maar. We besloten er allebei eentje te nemen van ongeveer een half uur. Omgerekend kostte dat ongeveer €7 per persoon.
En eerlijk: dat was het dubbel en dwars waard.
Soms hoef je op vakantie helemaal niets te doen om toch het gevoel te hebben dat je iets goeds hebt gedaan.
Het was echt superfijn. De dame die mij behandelde wist mijn pijnplekken behoorlijk goed te vinden. Je merkt meteen dat ze precies weet waar ze moet drukken. Af en toe dacht ik wel even: ja hoor, dáár zit het dus.
Lindsey was ondertussen ook helemaal in haar nopjes.
Spontaan naar Canggu
Na de massage hadden we eigenlijk nog geen strak plan voor de rest van de dag. We hoorden van verschillende mensen dat Canggu leuk zou zijn, dus besloten we spontaan die kant op te gaan.
Canggu is de laatste jaren natuurlijk enorm populair geworden. Je hoort overal verhalen over hippe cafés, surfers, beachclubs en een relaxte sfeer.
Dus ja, dan wil je het toch zelf even zien.
Eenmaal daar aangekomen waren Lindsey en ik eigenlijk allebei een beetje van:
Is dit het nou? Begrijp me niet verkeerd, het is zeker niet lelijk en ik snap best dat veel mensen het leuk vinden. Maar persoonlijk vonden wij het eerlijk gezegd niet heel bijzonder.
Misschien komt het ook omdat we inmiddels al zoveel verschillende plekken op Bali hebben gezien. Dan moet iets blijkbaar al snel wat extra's hebben om echt indruk te maken.
Even de drone de lucht in
We zijn nog naar het strand gegaan en daar heb ik mijn drone even de lucht in gestuurd om wat foto's te maken.
Dat leverde gelukkig wel mooie beelden op. De zee was vandaag behoorlijk wild. Zo wild zelfs dat er rode vlaggen op het strand stonden.
Dat betekent simpel gezegd: niet zwemmen. En als je die golven zag, snapte je ook meteen waarom. De zee zag er indrukwekkend uit, maar echt uitnodigend om even lekker te gaan dobberen was het absoluut niet.
De zee op Bali kan er prachtig uitzien en je tegelijkertijd heel duidelijk vertellen dat je er beter uit kunt blijven.
Na Canggu besloten we door te rijden naar Tanah Lot. En daar werd de dag een stuk interessanter.
Tanah Lot
Tanah Lot is één van de bekendste tempels van Bali en ligt prachtig op een rots in zee.
Alleen al de omgeving eromheen is bijzonder. We hadden een mooi plekje gevonden bij de rotsen om even te zitten. Prima plekje.
Tot we er later achter kwamen dat we ongeveer naast een dode slang zaten. Ja hoor.
Ook dat kan blijkbaar gewoon. Dat maakte het relaxte zitten toch ineens iets minder relaxed. Over slangen gesproken: blijkbaar hebben slangen hier ook een bijzondere betekenis. In een grot bij Tanah Lot kon je voor een paar rupiah zelfs een hele grote python aaien.
Nou. Mij en Lin niet gezien. Hahaha.
We hoeven echt niet alles mee te maken op vakantie.
Even zitten bij de tempel
We zijn uiteindelijk op enige afstand van de tempel op een paar rotsen aan het strand gaan zitten.
Daar had je een prachtig uitzicht. Ik heb mijn drone op een vlakke rots gelegd en er een paar mooie foto's mee gemaakt.
Niet rondvliegen boven de tempel, maar gewoon rustig vanaf een vaste plek wat beelden maken.
Dat vond ik eerlijk gezegd al meer dan genoeg. Lindsey werd ondertussen steeds wat onrustiger.
De zee was namelijk zó woest dat het leek alsof het water ieder moment verder het strand op kon trekken.
Eb en vloed natuurlijk. Maar als je daar tussen de rotsen zit en die golven steeds dichterbij lijken te komen, voelt dat toch anders dan wanneer je het van een veilige boulevard bekijkt.
Na zonsondergang vond Lindsey het wel mooi geweest. Ze was vrij snel op zoek naar de uitgang. Ik deed natuurlijk heel stoer om haar een beetje gerust te stellen.
Kom Pas, de zee komt eraan! Ik hou er niet van…
Maar laat ik eerlijk zijn… Ik hou er zelf óók niet van. Hahaha.
Wist je dat?
Wat ons trouwens tijdens deze vakantie steeds meer opvalt, is dat je op Bali bijna nergens echte hoogbouw ziet. Dat is geen toeval. Op Bali geldt in het algemeen dat gebouwen niet hoger mogen zijn dan ongeveer 15 meter, zo'n beetje de hoogte van een kokospalm. Die regel past helemaal bij de Balinese gedachte om het landschap, de tempels en andere heilige plekken niet te laten overheersen door enorme gebouwen. Daarom zie je hier dus geen skyline met wolkenkrabbers zoals in veel andere toeristische gebieden in Azië.
En eigenlijk vinden wij dat juist wel mooi. Het zorgt ervoor dat Bali ondanks alle hotels en toerisme op veel plekken toch zijn eigen karakter blijft houden.
Op Bali mag zelfs een gebouw blijkbaar niet vergeten dat het te gast is op het eilan
Grab? Vergeet het maar
Onze Grab-chauffeur had ons die middag al gewaarschuwd. Hij kon ons wel afzetten bij Tanah Lot, maar niet weer ophalen. Precies hetzelfde verhaal als eerder bij Sanur Port.
Lokale taxiregels. Grab mag er blijkbaar wel mensen naartoe brengen, maar geen passagiers ophalen. Een lokale taxichauffeur verzekerde ons dat we maar ongeveer 2 kilometer hoefden te lopen voordat we weer een Grab konden bestellen.
Op Bali betekent ‘maar twee kilometer lopen’ blijkbaar soms gewoon: succes ermee.
Nou… Dat bleek dus iets anders te liggen. Geen 2 kilometer.
Maar ongeveer 4 kilometer. Dank je wel. We moesten uiteindelijk helemaal richting een volgend dorp lopen voordat we weer opgepikt konden worden.
Op papier klinkt 4 kilometer misschien niet zo spannend. Maar na een hele dag rondlopen, bij warmte en na zonsondergang, voelde dat ineens een stuk verder.
Ramen in Kuta
Toen we uiteindelijk weer richting Kuta reden, hadden we het eigenlijk wel gehad voor vandaag.
We hadden honger en besloten lekker ramen te gaan eten. Dat was precies wat we nodig hadden. Even zitten, iets warms eten en de dag rustig afsluiten.
En eerlijk gezegd vonden we het daarna wel mooi geweest. Vandaag hadden we weer genoeg meegemaakt.
Een massage. Canggu. Een woeste zee.
Tanah Lot. Een dode slang. Een python waar we met liefde voor bedankten.
Een zonsondergang tussen de rotsen. En een “wandelingetje” van ongeveer vier kilometer omdat Grab ons niet mocht ophalen.
Prima dagje dus. Tot morgen. Selamat tidur!