Waar We
Waren
Bali 2026
Menu
Het andere Bali: Sidemen, Gembleng en Mount Agung

Het andere Bali: Sidemen, Gembleng en Mount Agung

Vroeg uit de veren

Vandaag moesten we vroeg uit de veren. En met vroeg bedoel ik ook echt vroeg: 07.00 uur!

Voor vandaag hebben we een privéchauffeur geregeld die ons naar Sidemen in Oost-Bali gaat brengen. Nadat we waren opgestaan zijn we, zoals inmiddels iedere ochtend, eerst even richting het ontbijt gegaan.

Daarna begon het inmiddels bekende ritueel. Drone mee. Camera mee.

DJI Osmo Pocket mee. Powerbanks, batterijen, geheugenkaartjes… De hele kraam gaat weer mee.

Vandaag belooft namelijk een prachtige dag te worden. Althans… dat hopen we natuurlijk.

Toen we beneden in de lobby kwamen, stond onze chauffeur ons al op te wachten. Kadek heet de beste man. Hij komt zelf uit Noord-Bali en kent het eiland behoorlijk goed.

Hij vertelde ons dat we ongeveer twee uur onderweg zouden zijn naar Sidemen. Geen enkel probleem. Sterker nog: we hadden er juist ontzettend veel zin in.

Soms moet je het drukke Bali even achter je laten om het echte Bali te kunnen zien.

Sidemen, Bali
Sidemen, Bali

Maar wat is Sidemen eigenlijk?

Je zult je misschien afvragen: wat is er dan zo bijzonder aan Sidemen? Sidemen ligt behoorlijk afgelegen tussen de heuvels en bergen van Oost-Bali. Hier vind je nog een heel andere kant van Bali dan rond Kuta, Seminyak of Canggu.

Veel mensen leven hier van de landbouw en overal om je heen zie je rijstvelden, palmbomen en kleine dorpjes. Het tempo ligt er duidelijk een stuk lager.

En juist dát is precies waarom ik hierheen wilde. Even geen drukke winkelstraten. Geen rijen taxi's.

Geen strandclubs. Gewoon bergen, rijstvelden en het dagelijkse leven van de mensen die hier wonen.

Sidemen staat bekend om zijn prachtige rijstlandschappen en rustige ligging. Een plek waar Bali ineens weer een stuk minder toeristisch aanvoelt.

En daar waren wij vandaag naar op zoek.

Mount Agung duikt op

Rond 08.00 uur vertrokken we en het was nog heerlijk rustig op de weg. Kadek kon dus lekker doorrijden.

Onderweg keek ik natuurlijk constant uit het raam. Op een gegeven moment zag ik een plek waarvan ik direct dacht:

STOP! Niet letterlijk natuurlijk, maar ik vroeg Kadek wel even of we ergens konden stoppen.

Voor ons lag een prachtig landschap en in de verte torende Mount Agung boven alles uit.

Dat moest natuurlijk op beeld. Mount Agung is met ruim 3.000 meter de hoogste berg van Bali en bovendien een actieve vulkaan. De vulkaan heeft een behoorlijk indrukwekkende geschiedenis. In 1963 en 1964 vond een zware uitbarsting plaats waarbij meer dan duizend mensen om het leven kwamen.

Daarna bleef Agung tientallen jaren relatief rustig, totdat de vulkaan in 2017 opnieuw actief werd. Er volgden uitbarstingen, aswolken en evacuaties rond de vulkaan.

En nu stonden wij daar gewoon naar dat gigantische gevaarte te kijken. Van een veilige afstand gelukkig. 😅 Camera erbij, wat foto's gemaakt en natuurlijk ook even wat beelden geschoten.

Mount Agung lag prachtig in de verte. Daar word ik dus blij van. Toen ik uiteindelijk tevreden was met mijn beelden konden we weer verder.

Mount Agung, Bali
Mount Agung, Bali

Mount Agung staat daar zo rustig bij dat je bijna zou vergeten waartoe deze vulkaan in staat is.

Gembleng Waterfall

Onze eerste echte stop van vandaag was Gembleng Waterfall. Deze waterval had ik vooraf al opgezocht en zag er op foto's ontzettend mooi uit. Vooral de natuurlijke waterbassins bovenaan de waterval zijn behoorlijk populair op Instagram.

Mensen gaan daar graag zwemmen. Lin en ik zijn alleen niet zulke zwemmers. En eerlijk gezegd: na die hoeveelheid traptreden naar boven waren wij al zwemmend in het zweet.

Dus waarom zouden we dan ook nog het water in gaan? 😂 Terwijl we omhoog liepen viel ons eigenlijk direct iets anders op. Het was hier helemaal niet zo druk.

En dat was nou precies de bedoeling. Dat was ook een van de belangrijkste redenen waarom ik deze plek had uitgezocht. Even weg van de drukte.

Tijdens deze vakantie hebben we gemerkt dat sommige groepen toeristen nogal aanwezig kunnen zijn. Met name een aantal Chinese groepen die we tegenkwamen maakten er soms een behoorlijk luidruchtige bedoening van.

Dat is natuurlijk puur onze ervaring, maar af en toe willen Lin en ik gewoon even een plek waar je daadwerkelijk de natuur kunt horen.

En hier lukte dat behoorlijk goed.

Langs de waterval omhoog

Tijdens het omhoog lopen zagen we links van ons steeds meer van de waterval verschijnen.

Het water leek in verschillende etappes langs de rotsen naar beneden te stromen.

Echt prachtig. Hoe hoger we kwamen, hoe mooier het uitzicht werd. En natuurlijk moest er even zo'n heerlijke cliché-vakantiefoto gemaakt worden.

Lin en ik voor de camera. Waterval erachter. Glimlachen.

Klik. Je kent het wel. 😂 Maar eerlijk is eerlijk: als je zo'n achtergrond hebt, moet je hem ook gewoon gebruiken.

Lindsey is vandaag onze tour-guide :D
Lindsey is vandaag onze tour-guide :D
Ik bij de Gembleng waterval
Ik bij de Gembleng waterval

Sommige plekken hoef je niet mooier te maken voor een foto. Je hoeft alleen maar op de juiste plek te gaan staan.

Fruit bowl smoothie ding
Fruit bowl smoothie ding

Een Instagram-ontbijtje… soort van

Boven bij de waterval zit een klein restaurant met uitzicht over de omgeving. Daar zijn we even lekker gaan zitten. Ik bestelde iets waarvan ik eigenlijk nog steeds niet precies weet hoe het heet.

Een soort smoothie bowl met fruit. Je kent ze vast wel. Van die kommen die er op Instagram altijd uitzien alsof iemand er twintig minuten met een pincet stukjes fruit in heeft zitten leggen.

Ik had het al vaker voorbij zien komen en dacht:

Vooruit. Vandaag doe ik ook eens hip. En ik moet eerlijk zeggen… Het was echt ontzettend lekker.

Lindsey hield het iets traditioneler en nam gewoon wat patatjes. Terwijl wij zaten te eten kregen we vervolgens gratis entertainment. Want jawel…

Daar waren ze weer. 😂 Een groepje Chinese toeristen had het uitzichtplatform ontdekt. Er stonden volgens mij een stuk of vijf mensen netjes op hun beurt te wachten terwijl iedereen afzonderlijk een complete fotoshoot leek af te werken.

Niet één foto. Niet twee foto's. Nee.

Volgens mij werden er complete portfolio's gemaakt. Lin en ik keken elkaar aan. Daar heb je ze weer.

De weg is… weg

Toen we klaar waren met eten liepen we weer terug richting de auto. Kadek stond al op ons te wachten. Onze volgende bestemming zouden de rijstvelden van Sidemen worden.

Tenminste… Dat was het plan. Onderweg bleek namelijk dat er een klein probleempje met de weg was.

De weg was ingestort. En niet een klein stukje. Gewoon een gedeelte van de weg dat verdwenen was.

Wij dachten eerst dat dit misschien net gebeurd was. Kadek bleef er echter behoorlijk rustig onder. Volgens hem komt dit soort dingen hier vaker voor. De infrastructuur op het platteland krijgt volgens hem niet dezelfde aandacht als in de toeristische en stedelijke gebieden.

De weg wordt dus vast ooit weer gemaakt. Alleen wanneer? Geen idee.

Dat leek hier ook niemand echt heel spannend te vinden. Dan maar omrijden.

Op Bali is een afgesloten weg blijkbaar geen probleem. Het is gewoon een uitnodiging om een andere route te nemen.

De was ligt gewoon naast de ingestorte weg

Naast het kapotte gedeelte van de weg zagen we vervolgens een hele hoeveelheid was over de rotsen liggen.

Kadek vertelde ons dat mensen hier hun kleding nog gewoon met de hand wassen. Geen luxe wasserette. Geen wasmachine die je vanaf je telefoon kunt bedienen.

Gewoon water, handen en daarna de was buiten laten drogen. Het zijn van die kleine dingen waardoor je beseft hoe anders het leven hier soms nog is.

Wij rijden er met een auto vol camera's, drones, telefoons en elektronica langs…

En een paar meter verderop ligt iemand zijn kleding op de stenen te drogen. Dat contrast vind ik ergens ontzettend interessant.

HALLOOOOOOOO!

Via een omweg reden we verder richting de rijstvelden. We kwamen daarbij door kleine dorpjes waar nauwelijks toeristen te zien waren. Kadek vertelde ons iets leuks.

Volgens hem vinden de kinderen in deze dorpen het prachtig wanneer er toeristen voorbijkomen.

En inderdaad. Langs de weg zaten een aantal kinderen te wachten. Zodra onze auto eraan kwam begonnen ze enthousiast te zwaaien.

Sommigen maakten zelfs met hun vingers een hartje naar ons. Superschattig. Kadek ging expres iets langzamer rijden zodat we terug konden zwaaien.

Dus raam naar beneden… en ik:

“HALLOOOOOOOOO!” Wat overigens prima werkt, want halo wordt hier ook gewoon gebruikt als begroeting.

De kinderen vonden het geweldig. Nog harder zwaaien. Lachen.

Hartjes maken. Tja… dan kan ik natuurlijk niet anders dan even mijn camera pakken.

📸

Soms zijn het niet de grote tempels of watervallen die je bijblijven, maar gewoon een paar kinderen langs de kant van de weg die enthousiast naar je zwaaien.

Rijstveld van bovenaf
Rijstveld van bovenaf

Rijstvelden zover het oog kan zien

Uiteindelijk kwamen we aan bij de rijstvelden van Sidemen. En zodra we daar om ons heen keken, gaven we onze ogen echt de kost. Wat een natuurschoon.

Rondom de rijstvelden zie je overal jungle. En dan bedoel ik niet zo'n klein bosje met een paar tropische planten. Nee.

Een échte jungle. Zo'n jungle waarvan je normaal denkt dat hij alleen in films bestaat. Dichte groene begroeiing, palmbomen, heuvels en daar tussendoor die felgroene rijstvelden.

Bij de ingang zat een dame die de toegangskaartjes verkocht. Ze keek ons vriendelijk aan en zei:

“Only three kilometres, sir!” Ja ja. Ik weet inmiddels wel beter.

Ze weten het hier allemaal altijd prachtig te brengen. Only three kilometres. Waarschijnlijk betekent dat in Balinese toeristenkilometers ongeveer zes. 😂

Maar goed. We gingen de uitdaging maar wat graag aan.

Een schuur voor gereedschap in het rijstveld
Een schuur voor gereedschap in het rijstveld
Rijstveld staat in het water
Rijstveld staat in het water

Balanceren boven het irrigatiewater

Wat veel mensen misschien niet beseffen, is hoeveel water er nodig is om rijst te verbouwen.

De rijst staat letterlijk in natte, ondergelopen velden en moet continu van water worden voorzien. In dit gebied wordt dat water vanuit hoger gelegen delen en de bergen via allerlei kanaaltjes naar de rijstvelden geleid.

Onze wandeling liep daarom voor een groot deel langs zo'n irrigatiekanaal. Klinkt heel romantisch. Tot je ziet waar je moet lopen.

Een smalle rand. Een soort betonnen balk. Links water.

Rechts rijstveld. En daar moet je dan overheen zien te balanceren. Erg handig is het niet.

Gelukkig maakte het uitzicht werkelijk alles goed. Als we achterom keken zagen we Mount Agung boven het landschap uitsteken. Voor ons lagen de groene heuvels van Sidemen, met rijstvelden zover het oog kon zien.

Dit was precies het landschap waarvoor we vandaag hierheen waren gekomen.

Je denkt dat je voor de rijstvelden naar Sidemen komt, maar uiteindelijk is het hele landschap één groot schilderij.

Een rijstboerin bezig met haar rijstveld
Een rijstboerin bezig met haar rijstveld

Hier moet je dus iedere dag werken

Terwijl Lindsey en ik verder liepen, beseften we ons eigenlijk pas hoeveel werk hierachter zit.

De mensen die deze rijstvelden onderhouden moeten hier dus iedere dag naartoe. En geloof me:

dat is echt een roteind lopen. Het landschap is prachtig, maar vlak is het absoluut niet. Omhoog.

Omlaag. Weer omhoog. Smal pad.

Nog een heuvel. En dat allemaal in tropische temperaturen. Wij liepen hier voor ons plezier met een flesje water en een camera.

Deze mensen lopen hier omdat hun werk hier ligt. Dat zet zo'n landschap toch ineens in een ander perspectief.

De drone moet natuurlijk weer de lucht in

Onderweg vond ik een plek waar ik meteen dacht:

Ja. Hier moet de drone omhoog. Dus tas open. Drone eruit.

Controller erbij. En hup… dat ding de lucht weer in.

Vanaf boven ziet het gebied er misschien nóg mooier uit. De rijstvelden vormen allemaal verschillende groene vlakken tussen de heuvels en daarachter ligt Mount Agung als een gigantische achtergrond over het landschap heen.

Dit zijn van die momenten waarvoor ik die drone overal mee naartoe sleep. Zie hier het resultaat:

Video van de dag
Chilipepers drogen in de zon in het rijstveld
Chilipepers drogen in de zon in het rijstveld

Barcelona en de Spaanse 'C'

Na het vliegen begonnen Lindsey en ik het ondertussen steeds warmer te krijgen. En warmer. En warmer.

We waren inmiddels zeiknat van het zweet. Af en toe kwam er gelukkig even een fris briesje langs en dan voelde je je ongeveer drie seconden weer mens.

Onderweg kwamen we een leuk stel tegen: een Indonesische jongen met een Spaanse dame.

We raakten even aan de praat. Zij kwam uit Barcelona. En natuurlijk hoorde je meteen dat typische Spaanse accent.

Vooral die beroemde Spaanse c. In een groot deel van Spanje wordt een c voor een e of i uitgesproken als de Engelse th in think.

Dus waar wij misschien gewoon gracias zeggen, krijg je daar iets meer:

“grathias.” Niet omdat iemand slist dus. Dat dacht ik vroeger ook altijd. 😂

Het hoort gewoon bij de uitspraak. Na een korte pauze en een gezellig gesprekje gingen we weer verder.

Chillen op het uitzicht platform
Chillen op het uitzicht platform

'Only three kilometres, sir'

Langzaam maar zeker kwamen we richting het einde van de wandeling. En raad eens? De vriendelijke mevrouw bij de ingang had gezegd:

“Only three kilometres, sir!” Uiteindelijk bleek de wandeling… bijna zes kilometer te zijn.

Zie je wel. Ik wist het. 😂 Gelukkig bereikten we uiteindelijk veilig de auto.

Moe. Bezweet. Maar vooral ontzettend voldaan.

Dit was zonder twijfel een van de mooiste stukken natuur die we deze vakantie tot nu toe hebben gezien.

En Kadek? Die stond uiteraard alweer rustig op ons te wachten. Alsof wij niet net bijna een complete Nijmeegse Vierdaagse door de rijstvelden hadden gelopen.

Terug naar Kuta

Vanaf Sidemen begonnen we aan de rit terug richting Kuta. Na zo'n dag heb je op een gegeven moment nog maar één ding nodig:

eten. En niet zomaar eten. We hadden besloten om naar Seminyak te rijden en daar spareribs te gaan eten bij Wahaha.

Het restaurant noemt zichzelf:

“Best Pork Ribs in Bali.” Nou… Dat zijn nogal uitspraken.

En als iemand dat op zijn restaurant zet, wil ik het natuurlijk ook testen.

Best pork ribs in Bali?

Wahaha bleek een mooi en verzorgd restaurant te zijn. De prijzen lagen hier duidelijk wat hoger dan bij de gemiddelde gelegenheid waar we in Kuta eten.

Maar goed. Het moet soms ook gewoon kunnen. We bestelden verschillende gerechten van de kaart om wat dingen te kunnen proberen.

En uiteraard kwamen ook de beroemde spareribs op tafel. Ik kan daar eigenlijk heel kort over zijn. Wat waren die lekker.

Serieus. Het vlees viel bijna vanzelf van het bot. Zacht, sappig, goed gemarineerd…

Echt van die spareribs waarbij je na afloop denkt:

waarom heb ik eigenlijk ooit bestek geprobeerd te gebruiken? Dit is gewoon handenwerk.

Wahaha
Wahaha
Juicy spareribs!
Juicy spareribs!

Als het vlees vanzelf van het bot valt, weet je eigenlijk al genoeg.

Kopi Tubruk
Kopi Tubruk

Kopi tubruk

Na het eten namen we allebei nog een lekkere kop kopi tubruk. En dat is voor ons helemaal geen onbekend fenomeen. Onze opa's en oma's dronken dit vroeger thuis ook altijd.

Kopi tubruk is eigenlijk koffie op z'n simpelst. Gemalen koffie rechtstreeks in een kopje. Heet water erop.

Suiker erbij. Even roeren. En dan vooral even geduld hebben.

De koffieprut moet namelijk eerst naar de bodem zakken voordat je begint te drinken.

Doe je dat niet… dan kun je de laatste slok ongeveer kauwen. 😂 Het is sterke koffie.

Geen cappuccino met een hartje in het schuim. Geen caramel macchiato met drie soorten siroop. Gewoon:

koffie. Water. Suiker. Klaar. En juist daarom vind ik het lekker. Er zit voor ons bovendien iets herkenbaars in.

Een smaak die we al van vroeger kennen.

Slamat tidur

Na de kopi tubruk vonden we het eigenlijk wel mooi geweest. Het was een lange dag geworden. Van Mount Agung naar Gembleng Waterfall.

Van ingestorte wegen en zwaaiende kinderen naar jungles en rijstvelden. Bijna zes kilometer lopen in de hitte. De drone weer meerdere keren de lucht in.

En als afsluiting spareribs en kopi tubruk. Meer hoeft een dag eigenlijk niet te hebben. Dus terug richting het hotel.

Douchen. Spullen aan de kant. En waarschijnlijk binnen no-time plat.

Slamat tidur!